Het vullen van een tand of een kies

Als je een tand of kies moet laten vullen kunt u er voor kiezen om dit te laten verdoven. We gaan dan als eerst (na de eventuele verdoving) boren. We boren een opening in de tand om te kijken tot hoever het gaatje in de tand zit. Hiervoor gebruiken we een snelle boor (airrotor). Deze maakt een hoog piepend geluid. Als dit klaar is, gebruiken we een langzame boor (micromotor). Hiermee halen we het aangetaste zachte deel weg. Als de tand schoon geboord is, kunnen we beginnen met vullen.

Er zijn verschillende soorten vulmaterialen.

Composiet is een witte vulling en dit lijkt een beetje op klei. Deze vulling wordt hard d.m.v. speciaal licht. De witte vulling plakt vast aan de tand zelf. Amalgaam is een grijze vulling van zacht metaal dat na 24 uur vanzelf hard wordt. Deze vulling klemt vast in de tand, we moeten hierdoor dus anders boren dan bij een composiet (witte) vulling. Een composiet (witte) vulling is na het vullen dus meteen hard, u kunt meteen eten en drinken. De grijze vulling wordt hard na 24 uur, u mag dus een tijdje niet eten.